Gezondheid


Gezondheid is voor mij het allerbelangrijkst bij de IJslandse Hond. De kans op afwijkingen is niet uit te sluiten maar je kunt de kans erop wel zo klein mogelijk maken.
Om die reden ben ik aangesloten bij de IJslandse Honden Club en fok ik uitsluitend volgens hun strenge fokreglement.

Ouderdieren worden eenmalig getest op Heup Dysplasie en mogen uitsluitend worden ingezet voor de fok als zij uitslag HD-A, HD-B of HD-C hebben waarbij HD-C uitsluitend gecombineerd mag worden met HD-A.

Ook de test op Patella Luxatie is eenmalig. Er mag uitsluitend worden gefokt met uitslag graad 1 of vrij. Heeft de hond een hogere graad (vanaf 2) dan is fokken bij de IJslandse Honden Club uitgesloten. Honden met graad 1 mogen uitsluitend worden gecombineerd met een vrije partner.

Bij de ECVO ogentest, waarvan de uitslag “vrij” moet zijn van alle erfelijke oogafwijkingen en die altijd BINNEN het jaar en vóór de dekking dient plaats te vinden, laat ik ook nog een gonioscopie verrichten die aantoont of de hond LPA (Linea Pectinatum Abnormaliteit) heeft. LPA kan één van de voorspellers van Glaucoom zijn. Bij de uitslag “LPA ernstig” is fokken uitgesloten. Heeft de hond de uitslag “onbeslist”, “gering” of “middelmatig” dan moet de partner “vrij” zijn van LPA. Uiteraard mogen ook 2 vrije partners gekruist worden.

Het is een flinke rij gezondheidsonderzoeken waardoor de kans groter is dat je bepaalde partners niet kunt combineren of bepaalde honden zelfs helemaal niet in kunt zetten. Gelukkig zijn er inmiddels wereldwijd veel IJslandse Honden en zijn ze door internet nu ook veel makkelijker te vinden waardoor het mogelijk is om combinaties te maken die de ‘afwijking’ niet versterken of zelfs afzwakken. Dat was 20 jaar geleden wel anders!

De afgelopen jaren heb ik verschillende importen gedaan om voor ‘vers bloed’ te zorgen. De belangrijkste daarvan was Töfra Hvutti-Valtýr (Valli), een zoon van Skessu-Skolli uit de zeldzame O-familie. Valli is de opa van Glanna via moeders kant.

Anneke Bruynzeel van Kennel frá Gull Lyklinum heeft in 2004 een KI dekking op poten gezet vanuit IJsland met de, op dat moment, genetisch meest belangrijke reu Ulfur. Deze Ulfur is ook een opa van Glanna, via haar vaders kant.

In 2012 heb ik Aitiorannan Audna Blida en Aitiorannen Amur Alsvinnur geïmporteerd die beiden in Nederland voor nakomelingen hebben gezorgd.

Het combineren van onverwante ouderdieren kan zorgen voor gezonde honden, mits deze onverwante dieren de gezondheidsonderzoeken hebben ondergaan en alleen in juiste (gezonde) combinaties worden ingezet.

Reageren is niet mogelijk